Theaters in Antwerpen

Nog steeds bestaat de misvatting dat Antwerpen na de inname door de Spanjaarden in 1585 en de sluiting van de Schelde niets meer te betekenen had. De stad herstelde economisch vrij snel en cultureel hoefde Antwerpen niet onder te doen voor heel wat andere steden. Zo kende Antwerpen, net als bijvoorbeeld Amsterdam en Brussel, een actief theater- en operaleven.

Tussen 1600 en 1750 telde Antwerpen verschillende theaters, de belangrijkste worden op deze website toegelicht aan de hand van computerreconstructies: de theaters van de rederijkers, inclusief de beursschouwburg, het aalmoezenierstheater aan de Grote Markt en de grote schouwburg in het Tapissierspand.

Het onderzoek

SInds oktober 2006 loopt aan de Universiteit Antwerpen een onderzoek (FWO Vlaanderen) naar Antwerpse theaters tussen 1610-1746 en naar de relatie die er bestaat tussen (de evolutie van) de theaters en het repertoire dat er werd opgevoerd. Computermodellen en virtuele reconstructies van die theaters vormen een hulpmiddel in dat onderzoek.

"3D CAD simulation [...] has made possible the electronic representation of pre-existing architectural accomplishments long since destroyed. This form of reconstruction is not possible via traditional methods, such as drawings or architectural models. 3D CAD simulation makes it possible tot enter a three-dimensional computer model and visualize it through every conceivable point of view within moments, gaining spatial impressions on a natural scale from the perspective of the beholder." (Marc Gellert, "The Potential of New Media for Acts of Remembrance", in: Synagogues in Germany. A Virtual Reconstruction, 2004, p.28)

De computer en CAD (Computer Aided Design) software hebben het sinds het begin van de jaren '90 een belangrijke evolutie ondergaan: zowel de kracht als de gebruiksvriendelijkheid zijn sterk toegenomen. Computermodellen worden gebruikt door architecten, om nieuwe ontwerpen te visualiseren, maar bijvoorbeeld ook door archeologen, om sites in kaart te brengen én om wat verdwenen is opnieuw tot leven te brengen.

In het (vooral Amerikaanse en Britse) theateronderzoek werd de computer al gebruikt om reconstructies te maken van klassieke theaters, 17de-eeuwse Franse schouwburgen (Christa Williford) en barokke toneelmachines (Frank Mohler) (zie bibliografie & links). De computer laat toe om hypotheses uit te testen en alternatieven te presenteren (een vergelijkende opstelleling zoals de twee onderstaande afbeeldingen is met de computer relatief snel te maken).

In het onderzoek naar de Antwerpse theaters en hun repertoire vormen de 3D-modellen geen doel op zich (dat zou een opdracht voor een architectuurhistoricus kunnen zijn), maar vormen ze een middel om inzicht te verwerven in hoe de theaters functioneerden. Een 3D-model is immers als een soort labo: door alle beschikbare historische gegevens samen te voegen, ontstaat een beeld. Dat beeld wordt beperkt door de fysische realiteit, maar moet vaak ook worden aangevuld door educated guesses.

Lees meer:

Timothy De Paepe, The Theatres of Antwerp, http://3dvisa.cch.kcl.ac.uk/project104.html 

Timothy De Paepe, ‘Reconstructing the theatres of Antwerp (1561-1711).’ In: Theatre, Design & Technology.